Brioche - Kato's
707
post-template-default,single,single-post,postid-707,single-format-standard,ajax_fade,page_not_loaded,,select-theme-ver-4.5,side_area_uncovered,wpb-js-composer js-comp-ver-5.5.2,vc_responsive

Brioche

Het mag al eens wat meer zijn, moet er iemand gedacht hebben begin 15de eeuw, en in plaats van gewoon brood te maken, kwam er een brioche op tafel. Volgens het boek ‘L’inventaire du patrimoine culinaire de France’ werd in 1404 voor het eerst het woord ‘brioche’ genoemd in Rouen, Normandië. Het recept zou geleend zijn van een gelijkaardig zoet Roemeens brood dat traditioneel op feestdagen gemaakt wordt.

Dankzij de Noormannen leerden de Normandiërs de kunst van boter maken, een noodzakelijke vaardigheid. Immers, in vergelijking met gewoon brood, bevat een brioche extra veel suiker en eieren en zelfs evenveel roomboter als bloem.  Dat maakt niet alleen dat de caloriebom heerlijk luchtig is, maar ook langer houdbaar dan een traditioneel wit brood.
Rond 1650 werd het zoete broodje in Parijs geïntroduceerd en veroverde van daaruit de rest van Frankrijk.

Het witste

De naam is afgeleid van het Normandische woord ‘brier’ wat kneden, fijnknijpen of braken betekent. Braken betekent hier kneden met een koekbraak, en niet overgeven. In gewoon Frans noemt men dit ‘broyer’, een techniek die wordt toegepast als er heel veel boter wordt toegevoegd en het deeg lang dient te rijpen. Voor brioches is dat minstens zes uur, zodat de geknede grondstoffen qua smaak de tijd krijgen om op elkaar in te werken. Ook helpt dit om de werking van gist te vertragen.
De ideale brioche heeft een zachte en luchtige textuur, boterige ondertonen en een prachtig gekleurde korst. Om brioche genoemd te mogen worden moet het deeg van de witste bloem gemaakt worden en van boter, eieren en suiker. Vaak is de brioche ook nog lichtgeel gekleurd met caroteen en op smaak gebracht met vanille. De Amerikaanse versie houdt het minder zoet en voegt zout toe aan het knedingsproces.

Luxe

Hoe men zemelen uit tarwemeel verwijdert om witte bloem te krijgen, werd ontdekt ten tijde van Louis XIV, die een voorkeur had voor fijn, wit tarwebrood. Dit brood was alleen verkrijgbaar in de steden, waar het uitgroeide tot een statussymbool doordat de edelen al snel ontdekten dat hun tere magen niets anders dan het luxebrood verdroegen. Twee generaties later is daar niets aan veranderd. Wanneer in 1789 de prijs van meel zozeer de spuigaten uitloopt dat de prijs van een brood 80 procent van het dagloon van een arbeider bedraagt, zou de Franse koningin Marie-Antoinette, echtgenote van Louis XIV, de overbekende uitspraak gedaan hebben: ‘Le peuple n’a pas de pain? Qu’il mange de la brioche!’.

Decadentie

Of Marie-Antoinette de uitspraak echt heeft gedaan is niet waarschijnlijk. Maar waar gebeurd of niet, de uitspraak is beroemd geworden en heeft bijgedragen aan het kweken en vastleggen van het imago van de brioche als een luxueus en decadent broodje.
Omdat wij voor onze klanten alleen het beste willen, vind je bij onze ontbijten en brunches de briochebol in het assortiment terug. Een beetje decadentie mag wel bij Kato’s.

No Comments

Sorry, the comment form is closed at this time.